- als ik deze blog begin te gerbuiken voor therapeutische doeleinden, laat ik het u zeker weten!
dag des oordeels
-
te weten
hint
- brieven (5)
- commentaar (24)
- dienstmededelingen (10)
- fictie (4)
- oneliners (18)
- pedant (2)
- zo hoort het ook (6)
vergane glorie
- januari 2008 (1)
- december 2007 (13)
- november 2007 (37)
- oktober 2007 (18)
Blogroll
189
De afgelopen week hoorde ik drie politici (Yves Leterme, Frank Vanhecke en een liberaal naar keuze maar De Gucht was het niet) uit hun nek lullen dat het werk dat zij doen min of meer even zwaar is als dat wat andere, gewone mensen als dagtaak hebben te vervullen. Zo meende Leterme dat wat hij doet eigenlijk minder voorstelt dan wat een werknemer die loopbaan en kinderen probeert te combineren, moet waarmaken, en vond ook Vanhecke dat niemand in de Wetstraat reden tot klagen had omdat iedereen het uit passie deed en niets anders. Een staaltje arrogantie waar uw dienaar niet bij kan. Arrogant, met name, tegenover de collega’s die weldegelijk te klagen hebben over wat ze allemaal te verduren krijgen, maar ook tegenover de mensen die geacht worden dit als waar aan te nemen. Gelooft er nou werkelijk iemand de gedoodverfde premier als die na zes maanden van slopende onderhandelingen duidelijk uitgeput in een televisiestudio verklaart dat wat hij doet eigenlijk al bij al niets voorstelt. De idee dat die man bij mij, kijker, denkt weg te kunnen komen met dat soort pasklare nonsens, maakt mij (indien ik daarvoor in de stemming ben) furieus. Meer nog dan omdat ie er durft mee komen aanzetten, weegt door dat dat soort stompzinnige uitspraakjes weldegelijk blijken te werken. Er wordt massaal op Leterme, Vanhecke en die andere gestemd, dus misschien zijn de Vlaamse kiezers wel simpelweg zo kortzichtig dat ze het geloven als iemand daarmee komt leuren. Een droeve vaststelling, heet dat dan.
Daarentegen meer respect heb ik dit weekend gekregen voor Jo Vandeurzen. Hij vertelt dit weekend openlijk in De Morgen over hoe vermoeid en moegestreden hij er aan toe is na 189 dagen onderhandelen en compromissen zoeken. Hij nadert de emotionele verdwazing zelfs, meent ie te weten. Ook de foto’s liegen er niet om. Jo lijkt zich wel de hele tijd recht te moeten houden aan zowat alles wat er in de omgeving maar te vinden valt. Ook al sta ik dan zowat altijd recht tegenover die man, in dat interview spreekt hij toch wijze woorden. Heeft het nog wel veel zin om na zes maanden aan hetzelfde tempo verder te blijven werken? Slechte politiek, denkt hij dat dit tempo oplevert, en dat is geen goed bestuur. Ook al lijkt een crisis als deze nachtelijke vergaderingen en middelmatige maaltijden voor de heren en dames politici te moeten opleveren, misschien zit de enige oplossing wel in een uitgebreide kerstvakantie voor de hele Wetstraat. Na zes maanden kan sowieso niemand meer scherp zien, worden kleine akkefietjes opgeblazen tot onoverkomelijke problemen en is iedereen de hoofden van de andere onderhandelaars toch kotsbeu.
De vorige alinea lijkt wel helemaal op te bouwen tot een concrete oproep tot een mooie kerstvakantie voor alle nationale politici, maar dat vind ik dan weer te klef en ook wel te lullig als je weet dat er nog nooit iemand op welke manier dan ook gehoor heeft gegeven aan een oproep van mij. Trek er daarom maar gewoon allemaal uw plan mee.